30 jaar RunBikeRun Pijnacker

Spontaan idee wordt groot sportevenement

Zondag 17 november wordt voor de 30e keer De Viergang RunBikeRun Pijnacker georganiseerd. Een goed moment om terug te blikken hoe het allemaal begonnen is. Een sportevenement dat zijn waarde bewezen heeft.

Zo eenvoudig, zo ons kent ons, zo schoon als het maar zijn kan; luister en huiver:

Initiatief nemers RunBikeRun PijnackerHet idee van de RunBikeRun is spontaan geboren op een winterse avond in het schaatsseizoen 1988/89 tijdens een schaatskamp in Inzell bij het open haardvuur dat brandde als liefde voor de sport. De schaats- en fietsliefhebbers Guus van der Meijden, Ad Overdevest en Dion Overdevest stonden aan de wieg van deze spraakmakende wedstrijd onder het genot van een heerlijk glas Oostenrijkse Alpenjaeger. Deze kleppers zijn de initiatiefnemers, de stichters én oprichters van de RunBikeRun Pijnacker. Zij zaten op die bewuste avond bij elkaar toen tijdens een gezellige babbel het plan geopperd werd om in Pijnacker  een wedstrijd te houden waarbij er hardgelopen, gefietst en nóg ‘ns hardgelopen werd. Dat fietsen zou op mountainbikes gebeuren. Dat was een goed plan waaraan gestalte moest gegeven worden: de Run Bike Run was geboren !

Door de minder strenge winters was dit een welkome aanvulling in de activiteiten van de IJsclub en men kon de opbrengst goed gebruiken voor de uitbreiding en verfraaiing van het clubhuis.

Het plan werd uitgewerkt, men was niet aan regels gebonden, het ging spontaan en er werd bekendheid aan gegeven. In de IJsclub was het Ons kent Ons, er volgde een artikel in De Telstar, in de regio werd het nieuws verspreid en er werden vrijwilligers geworven. Geworven?  Welnee, men stond te trappelen om mee te doen.

Elke vrijwilliger werd op z’n merites en verantwoordelijkheid getoetst en beoordeeld. Anders gezegd: niemand hoefde getest te worden. Alle medewerkers en vrijwilligers waren enthousiast.

Pijnacker, dat kleine dorp verscholen in de wei- en akkerlanden tussen Delft en Zoetermeer, tussen Rotterdam en Den Haag, dat geen Tourwinnaar had gekend, maar wel heel veel noestere, bekende en volhardende Elfstedenrijders, schaatsers, toer- en wereldfietsers, globetrotters en wegatleten, dat Pijnacker had de primeur van de Eerste RunBikeRun in Nederland.

Er werden Rayonhoofden aangesteld als parcoursuitzetters, parcourswachters, inschrijvers, EHBO-ers, catering en clubhuis, hand- en spandiensten, vergunningen, secretariaat, jury en tijdwaarneming.  De aanvankelijke gedachte: dat gaan wij wel effe doen, veranderde snel, de schrik sloeg ons om het hart: waar waren wij aan begonnen, aldus Ad, Dion en Guus, als dat maar goed gaat, hoe zal het gaan, wij zien wel, als het één keer loopt dan loopt het. Een sneeuwbal die rolt, is nimmer tegen te houden.

Zij weten nog goed de namen van de Rayonhoofden, zoals de medewerkers genoemd werden, de mensen van het eerste uur: Carla Wubben, Rene de Buck, Joke Borsboom, Michel Barendse, Jan en Lia Gravesteijn, Rob Visser, Charles van der Meijden. Deze laatste was in de beginjaren zelfs motorrijder voor de cameraman van TV West. En nog een groot aantal van wie de namen ontschoten zijn. Het organiserende trio had nooit gedacht dat de RunBikeRun in de loop der jaren uitgroeien zou tot een degelijk Evenement met hoofdletter dat nu al voor de 30e keer gehouden wordt.

Het begon te lopen en hoe, als een speer. Het regende inschrijvingen en niet alleen vanuit de regio, neen vanuit het hele land. Hardlopers, schaatsenrijders, toerfietsers, ook van Toerclub Pijnacker, heel veel tri-athleten haastten zich om in te schrijven.  Rob Barel, toen Europees Kampioen Tri-athlon, was de eerste inschrijver. Alle grote kleppers van de tri-athlon, niemand uitgezonderd, schreven in.

De grote vraag was: komen er 100 of komen er 1000 inschrijvingen om maar ‘ns wat te noemen. Men had werkelijk geen idee.

Er werd één voorwaarde gesteld: de mountainbike-wielen moesten een bepaalde maat hebben. De illustere Jan Olsthoorn, zeer actief in de IJsclub, had met zijn 24-inch wielen een te grote maat. Om deze man nu teleur te stellen, ging te ver. Geen probleem, Jan mocht starten buiten mededinging in de wedstrijd.

Aan een enkele marathontopper werd een mountainbike van de club geleend. Niemand kreeg startgeld, geen chocola, geen bidon, geen Bokma, geen voorkeur.

De fietswisseling, nu een gesloten stalling, werd door Jan Gravesteijn bewaakt. Tevens voorzag hij de dames van een apart toilet en aparte douche. Allemaal voor een appel en een ei, zodat Jan ’s avonds in ieder geval fruit en zuivel had.

Michel Barendse zorgde achter de schermen voor het milieu in het vogelgebied, ook toen al.

Er werd weinig vergaderd, een woord was een woord, er werd weinig tot niets op papier gezet, er was niet eens vergunning, geen politie erbij, geen tri-athlonbond, het ging voor de vuist weg én het liep, het liep. Het was daardoor Geweldig om de RunBikeRun te organiseren. Het enthousiasme droop van het loop- en fietsparcours af!

Vrijdagavond voorafgaande aan de wedstrijd van zondag werden de vrijwilligers serieus in de Tinteltent van mens tot mens persoonlijk toe- en aangesproken op hun verantwoordelijkheid die niet vrijblijvend was. Een ieder werd de mooiste plaats langs het parcours toegezegd. Vol trots begaf men zich zondagmorgen naar de toegewezen plek om hun taak met verve te vervullen.

Als speaker fungeerde Wil Bossche, Rob Visser was tijdwaarnemer en Rene de Buck leverde jury-, hand en spandiensten vanaf een open wagen. Met al dan niet gebrekkige portofoons werd de tussenstand op het parcours doorgegeven. Het was behelpen maar wonderbaarlijk en animerend.

In een van de eerste jaren reed de wielerclub De Spartaan gelijktijdig deels over het RBR-parcours. Deelnemers kwamen elkaar tegen en kruisten elkaar. Dat leidde tot klachten van voetgangers bij de gemeenteraad. Toen brak het constitutionele democratische gedachtengoed: hoe durft men op ons grondgebied, door eigen ingezetenen,  zo maar een wedstrijd op zondag te organiseren ! Zijn ze nu helemaal belaaitafeld. Waar haalt men het lef vandaan !

Mannen en vrouwen op fietsen waarvan de modder, de drab en bagger vanaf druipt. Sapperdespillepootjes nog ‘ns aan toe zeg!

Men kon er niet meer onderuit. De RunBikeRun werd groter en bekender. Geen nood, Guus van der Meijden regelde bij de gemeenten Pijnacker, Delft én de Provincie de vergunningen die vaak na de wedstrijd pas binnenkwamen. Waarin een klein dorp groot zijn kan…….van een veiligheidsplan was geen sprake, sterker nog, het kwam in niemand op. Wie viel of in een sloot reed, werd overeind of op het droge geholpen. Het verkeer op de openbare weg gaf zonder moeilijkheden gehoor aan de aanwijzingen van de verkeersbegeleiders. Geen procedures, geen klachten en geen advocaten. Moet je heden ten dage eens omkomen, dat heb je echt een probleem.

In het tweede, derde jaar kwam ook de Triathlonbond om de hoek kijken. Een hoop gezeur, men had er oren van gekregen en de bond verklaarde de Run tot zwarte koers. Elke tri-atleet die lid van de bond was en deelnam,  werd op de zwarte lijst gezet. Geen probleem dacht Ad, wij maken alle startende deelnemers lid en de bond tevreden. De club en de Bond had ineens heel veel leden meer. Voor het aanwerven heeft Ad nooit een lepeltje, lintje of attentie gekregen.

Sterker nog: de uitslag van de RunBikeRun was bepalend wie er geselecteerd werd voor deelname aan het EK Tri-athlon. Het was dus niet meer zo maar een wedstrijdje van een paar mensen onderling, zo van een klein dorpje waar sportieve cafegangers goesting hadden om een wedstrijd te organiseren, neen, de Run genoot landelijke bekendheid en waardering.

Mochten er problemen ontstaan dan werden die ter plekke opgelost zonder procedures of gewichtig doen. Zo werd een oplossing bedacht voor een belachelijk item in de veiligheid: er moest een uitgang komen aan de achterzijde van de ijsbaan, achter in het veld bij de bomen en struiken. Het parcours werd hier en daar aangepast.

Er werd op een gegeven moment drie ronden over de vuilnisbelt in Delftse Hout gereden alvorens men terugging richting Pijnacker.

Men herinnert zich dat bij de tweede uitgave ’s middags de ijsbaan openging. Er lag dat jaar al vroeg ijs. Werd dat een probleem ? Wel neen, men zorgde dat alles voor één uur ’s middags opgeruimd was en de huldiging had plaatsgevonden. Daar werden de schouders voor ondergezet. Alle deelnemers blij en voldaan naar huis, alle schaatsliefhebbers met ijspret op de baan en De Drie Koningen uit Bleiswijk, Delfgauw en Pijnacker vrolijk naar huis.

Inmiddels vervulde Carla Wubben het secretariaat, zorgde voor de vergunningen en welgeteld twee mappen met bescheiden. Na de eerste keer deden zich soms onaangename en toch komische voorvallen voor. De kraan van Kees Remmerswaal stond te dicht bij een sloot of greppel en viel spontaan om. Het liep allemaal, een eigen Onder Ons waarin men voor elkaar klaar stond. Telkens werd  bij het vertrek de vraag gesteld: Rijdt de eerste deelnemer vooraan in de wedstrijd goed, zal het allemaal weer lopen zoals voorgaand jaar ?

Want het parcours liep wel ‘ns via draglineschotten over sloten, geulen en greppels. Deze schotten werden gesponserd door hoofdsponsor Milieubedrijf Kees van der Helm, later werd Parkplan Harm de Vos hoofdsponsor.

Hoe het ook zij: het driemanschap Overdevest, Overdevest en Van der Meijden had nooit kunnen denken, ook niet bij stil gestaan, dat de Viergang RunBikeRun Pijnacker zo’n vlucht zou nemen en over enkele weken haar 30-jarig Jubileum viert. Bedankt mannen !

Door: Harrie Meesters

 

 

 

Bekijk meer video's en foto's via onze Foto pagina.